Vragen in verband met IPEO
Vragen in verband met het project in het ziekenhuis
Praktische vragen
Vragen in verband met de samenwerking met huisartsen
Vragen in verband met IPEO
Wat is het Project Integrale Zorg Suïcidepogers (PIZS)?
Het PIZS kadert in het Vlaams Actieplan Suïcidepreventie.
Het PIZS promoot goede praktijken t.a.v. patiënten en hun naasten die zich aanmelden in een Algemeen Ziekenhuis omwille van een suïcidepoging.
Naast de medische opvang is
de psychosociale zorg van de patiënt hier erg belangrijk. Binnen het PIZS worden afspraken gemaakt zodat artsen en ziekenhuispersoneel goed kunnen samenwerken om ervoor te zorgen dat er een gedegen inschatting gebeurt van zorgbehoefte en risico op herval. Bovendien wordt de (veelal noodzakelijke) vervolgzorg na ontslag uit het AZ opgezet.
Voor het ziekenhuis werd een
Instrument voor Psychosociale Opvang en Evaluatie ontwikkeld (IPEO). Dit IPEO stuurt een goed gesprek aan met de patiënt en familie. Alle noodzakelijke elementen voor risico-inschatting kunnen op deze manier in kaart worden gebracht. Artsen en personeel worden getraind om dit instrument te gebruiken. Het IPEO is de basis voor het patiëntendossier én voor een rapport aan de huisarts en/of volgende zorgverstrekker.
In het kader van dit project worden ziekenhuizen gevraagd
een zorgpad te ontwikkelen waarbinnen het IPEO wordt geïntegreerd. Huisartsen worden via deze weg snel geïnformeerd en zij kunnen de patiënt en zijn familie ondersteunen en aanmoedigen om te starten met vervolgzorg.
Dit project wordt uitgedragen in alle Vlaamse ziekenhuizen door de suïcidepreventiewerkers van de Centra voor Geestelijke Gezondheidszorg (CGG). Aan dit project is een registratiestudie verbonden die wordt uitgevoerd door de Eenheid voor Zelfmoordonderzoek, in opdracht van de Vlaamse Overheid.
Wie zijn de betrokken initiatiefnemers?
De projecthouder is de
Dienst Ambulante Geestelijke Gezondheidszorg (DAGG).
Een expertengroep begeleidt dit project. Het project wordt gefinancierd door de
Vlaamse Overheid.
De Vlaamse Overheid heeft een pilootstudie laten uitvoeren door de Universiteit Hasselt en de Eenheid voor zelfmoordonderzoek van de Universiteit Gent in samenwerking met de CGG-suïcidepreventiewerking. De materialen en strategieën werden uitgetest in zes AZ van Limburg. Sinds september 2006 wordt het PIZS geïmplementeerd in verschillende AZ in Vlaanderen door de CGG-suïcidepreventiemedewerkers.
Is IPEO niet veel te omslachtig? Kan het niet korter?
Neen! Men heeft alles in het werk gesteld om het instrument zo handig en efficiënt mogelijk te maken. Er is getracht een evenwicht te bewaren tussen risico-inschatting, psychosociale opvang en verzamelen van relevante epidemiologische data. Bij de ontwikkeling heeft men rekening gehouden met de huidige wetenschappelijke evidentie, waardoor het IPEO beantwoordt aan de huidige wetenschappelijke richtlijnen.
Vragen in verband met het project in het ziekenhuis
Moet er altijd toestemming gevraagd worden aan de patiënt alvorens een verslag mag worden gestuurd aan de huisarts (‘informed consent’)?
In principe moet je altijd de toestemming hebben.
Het is het recht van de patiënt om deze toestemming te weigeren. Echter de ervaring leert dat wanneer de toestemming expliciet wordt gevraagd, men terecht kan komen in een weinig productieve discussie. Handiger is om de procedure die wordt gevolgd, uit te leggen: ‘We sturen een verslag naar de huisarts want we vinden het belangrijk dat de huisarts op de hoogte is van wat er is gebeurd. Verder stellen we voor dat u binnen de week contact met hem/haar opneemt om te bespreken hoe het met u gaat en hoe het nu verder kan. Aan de huisarts zullen we vragen u verder op te volgen.’ Indien de patiënt zegt dat hij/zij niet wil dat er een rapport gaat naar de huisarts, dan moet men dit respecteren.
Wat als de patiënt geen huisarts heeft of niet wilt dat de gegevens worden doorgegeven aan de huistarts?
We vragen om aan de patiënt het belang van een vaste huisarts te motiveren.
Er kan eventueel samen nagedacht worden over een mogelijke arts in de omgeving van de cliënt, zodat de opvolging toch is gewaarborgd.
Indien de patiënt opgevolgd wordt door een psychiater, kan worden voorgesteld om het rapport aan deze behandelaar te bezorgen.
Wanneer er geen indicatie is voor een gedwongen opname heeft het ziekenhuis geen andere keuze dan patiënten naar huis te laten gaan op een bepaald moment.
Ze kunnen het risico inschatten, adhv het IPEO, maar kunnen suïcidaal gedrag NIET
Voorspellen. Het enige wat ze kunnen doen is een hulpaanbod doen.
Moet de ethische commissie van het ziekenhuis gevraagd worden om toestemming?
* In verband met het gebruik van het IPEO, rapportage van gegevens en de flyer:
Neen, niet voor het gebruik van het IPEO. Het is een werkinstrument voor ziekenhuispersoneel.
Neen, niet voor het opsturen van het verslag naar de huisarts. Enkel toestemming van de patiënt is nodig.
Neen, niet voor de flyerstrategie. Deze is de verantwoordelijkheid van de initiatiefnemers van het project en heeft al verschillende advies en ethische commissies gepasseerd.
* In verband met het het doorsturen van geanonimiseerde data naar de Eenheid voor ZelfmoordOnderzoek (EZO):
Het EZO vraagt advies/toestemming aan de Ethische Commissie van alle deelnemende ziekenhuizen.
Tevens kan ook de patiënt beslissen om zijn of haar gegevens niet door te geven aan de EZO.
Deze ‘opting out’ procedure houdt in dat de patiënt wordt geïnformeerd over de registratiestudie in opdracht van de Vlaamse Overheid. Hierna kan de patiënt er voor kiezen om zijn (anonieme) data uit de exportfile te halen. De software wordt aangepast om dit automatische te kunnen doen.
De info over deze procedure wordt door EZO aan alle ziekenhuizen overgemaakt. De ziekenhuizen moet zelf de info afprinten en meegeven aan de patiënt.
Wat hebben wij als ziekenhuis eraan om heel die papierwinkel (computerprogramma) in te vullen?
a. Betere patiëntenzorg: opvang, evaluatie en opvolging
b. Opbouw patiëntendossier: medische en psychologische geschiedenis kan makkelijk doorgegeven worden
c. Correcte en volledige rapportage aan huisartsen, verwijzer, hulpverlener
d. Verzamelen data voor registratiestudie van de Eenheid voor ZelfmoordOnderzoek
e. Meewerken aan epidemiologisch onderzoek
Welk personeel moet er getraind worden?
In principe worden personen uit verschillende disciplines getraind:
- Spoedpersoneel (verpleegkundigen en spoedartsen)
- Psy’s: psychologen en psychiatrisch verpleegkundigen, psychiaters, PAAZpersoneel, sociale dienst.
- Ziekenhuispersoneel van intensieve zorgen, verblijfsafdelingen,…
Deze personen worden geïnformeerd over het klinisch pad en krijgen voldoende basiskennis aangereikt.
Wanneer een Algemeen Ziekenhuis een klinisch pad heeft opgezet, kunnen ze aangeven welke personen cruciaal zijn in de werking van het IPEO, op basis van hun mogelijkheden en werking.
Wat gebeurt er na de implementatie van het IPEO?
De werkgroep die instaat voor de ontwikkeling van het klinisch pad, zal ook zorgen voor de opvolging van de implementatie in de deelnemende ziekenhuizen. Ook het overlegplatform Geestelijke Gezondheidszorg kan hier een rol in spelen.
Vanuit de Eenheid voor ZelfmoordOnderzoek zal er een terugkoppeling gebeuren naar de ziekenhuizen: elk ziekenhuis zal op de hoogte worden gebracht van de individuele onderzoeksgegeven. Verder worden de data van de verschillende ziekenhuizen door EZO gebundeld en verwerkt, om zo uitspraken te kunnen doen op provinciaal vlak maar tevens ook over heel Vlaanderen.
Kan een ziekenhuis opteren om enkel IPEO 1 af te nemen?
In principe bestaat de opvang van de patiënt uit de afname van zowel IPEO 1 als IPEO 2.
Enkel in die ziekenhuizen waar geen PAAZ is en/of weinig liaison én waar het klinisch pad aangeeft dat de patiënt onmiddellijk wordt verwezen naar PAAZ van een ander ziekenhuis of PZ, kan men opteren om enkel IPEO 1 af te nemen.
Kan een ziekenhuis uit het project stappen?
Ja, indien dit schriftelijk wordt bevestigd aan de contactpersoon van het CGG suïcidepreventie en de projectcoördinator Rita Vanhove die dit verder communiceert aan het Agentschap Zorg en Gezondheid.
Praktische vragen
9. Is er rekening gehouden met wat al geregistreerd wordt in MPGkader en kunnen er links gelegd worden tussen de 2 systemen?
Ja! Maar MPG ‘registreert’ zeker niet alles wat IPEO doet!
10. Helpdesk CEGEKA
Het ziekenhuis ondertekent een ‘engagementsverklaring’ en kan daarna hulp krijgen van Cegeka om software te installeren tot einde 2010.
Vragen in verband met de samenwerking met huisartsen
Mag de huisarts ‘ongevraagd’ contact opnemen met een patiënt ( strategie out-reaching)?
De meest gangbare praktijk is dat de huisarts de patiënt opbelt en voorstelt om langs te komen:
“Ik heb een verslag van het ziekenhuis ontvangen n.a.v. een crisissituatie die je hebt doorgemaakt. Er zou afgesproken zijn dat je eventueel met mij ook bespreekt hoe het nu verder moet. Ik wil je laten weten dat je welkom bent om dat te doen…"
De praktijk van ‘out reaching’ raakt stilaan ingeburgerd in huisartsenmiddens. Ook bij andere problematieken wordt vanuit het ziekenhuis aan huisartsen gevraagd om de patiënt actief op te volgen.
Kunnen huisartsen een honorarium vragen als ze ongevraagd hulp aanbieden?
De huisarts nodigt de patiënt (telefonisch) uit om op consultatie te komen, als de patiënt op deze uitnodiging ingaat, dan gaat dit om een gewone consultatie en wordt het normale tarief aangerekend.
Wanneer de patiënt weigert om op consultatie te komen, kan de huisarts aanbieden om op huisbezoek te gaan (out-reaching) bij de patiënt.
Is de huisarts niet overbodig als er hulpverleners uit de GGZ worden ingeschakeld?
Neen, de huisarts blijft steeds belangrijk in functie van zorgcontinuïteit en is zelfs cruciaal in het kader van suïcidepreventie;
- De huisarts dient op de hoogte te zijn van belangrijke levensgebeurtenissen in het leven een patiënt.
- Het is belangrijk dat de huisarts kan opvolgen of de patiënt nog trouw is aan de therapie/behandeling. Indien nodig kan hij de patiënt en zijn naasten motiveren om de behandeling verder te zetten.
- De huisarts is belangrijk als meest beschikbare en laagdrempelige hulpverlener, ook bij crisismomenten.
- De huisarts heeft zinvolle contacten met de naasten van een patiënt, die op hun beurt ook opvang nodig hebben. Ook kan er met hun worden samengewerkt aan een signaleringsplan en netwerkafspraken.
Weten huisartsen wel genoeg over dergelijke problematiek? M.a.w hebben ze voldoende deskundigheid om suïcidepogers en hun gezin op te vangen?
Huisartsen hebben een specifieke eerstelijns deskundigheid die zeer waardevol is. Ze worden ondersteund in hun rol via de helpdesk, aangeleverde guidelines, en vormingen. Ze zijn echter geen psychologen of psychiaters. Voor consultatief overleg kunnen ze altijd terecht bij het CGG.
Kunnen huisartsen ‘aansprakelijk’ gesteld worden als een patiënt na ontslag uit het AZ suïcide pleegt en zij/hij geen contact gehad heeft met patiënt?
Er wordt aan de huisarts voorgesteld dat hij de patiënt bij voorkeur contacteert binnen de 2 weken. Dit heeft op zich
geen bindend karakter voor de huisarts. De huisarts kan niet verplicht worden zelf initiatief te ondernemen, net zoals de patiënt niet verplicht kan worden om naar de huisarts te gaan.